IPIP-NEO

Consciëntieusheid · Facet C4

PrestatiegerichtheidC4

Prestatiegerichtheid is het deel van je temperament dat de hoogte van je eigen lat bepaalt. Niet wat je kunt, maar hoezeer je wilt dat het volgende resultaat het vorige overtreft. Wie hoog scoort staat op een doel en kijkt er al voorbij. Wie laag scoort bepaalt wat genoeg is en woont daar.

  • Facet 4 van consciëntieusheid
  • 10 stellingen, score van 10 tot 50
  • Gemiddelde score 37,6 van de 50
  • Gratis, zonder registratie

Gratis, zonder registratie, direct je uitslag

Wat deze schaal meet

Prestatiegerichtheid meet hoe hoog je de lat voor jezelf legt en hoe snel je hem weer omhoog wilt schuiven. De stellingen gaan over mikken op uitmuntend werk, over doelen kiezen die meer van je vragen, en over de vraag of een bereikt doel je tevreden achterlaat of onrustig. Wat er uiteindelijk op papier komt telt hier niet mee: gemeten wordt de honger naar meer en niet de opbrengst.

Het facet hoort bij consciëntieusheid, het domein van doelen, orde en betrouwbaarheid, en het staat dicht bij het hart daarvan: met de domeinscore komt het uit op 0,79, alleen zelfdiscipline zit er dichterbij. Meer willen is de ene aanleg, het week na week ook leveren een tweede, en die twee lopen vaker uiteen dan het woord ambitie suggereert.

Over 135.947 profielen ligt het gemiddelde hier op 37,6 van de 50, het derde van de zes facetten in deze familie en bijna zeven punten boven zelfdiscipline. Ambitie geef je nu eenmaal makkelijker toe dan een strak schema. Een ruwe 38 zit daardoor midden in het veld, en de bovenste tien procent begint pas bij 45.

In onderzoek houdt de schaal meestal de Engelse naam Achievement Striving, en de oudere traditie rond prestatiemotivatie beschrijft grotendeels hetzelfde terrein. De stellingen komen uit de vrij toegankelijke IPIP-verzameling zoals Johnson die publiceerde.

Waar ambitie mee verward wordt

Weinig trekken op deze site trekken zoveel vreemde betekenis aan als ambitie. Drie daarvan worden in een hoge score gelezen, en geen van drieën is wat er gemeten is.

Perfectionisme

Onderzoek knipt perfectionisme in tweeën: het streven naar een hoge lat, en de angst om er niet bij te komen. Deze schaal pakt alleen die eerste helft. De tweede woont in neuroticisme, en samen bewegen ze nauwelijks: prestatiegerichtheid komt tegenover angst uit op min 0,19, dus een hoge lat komt niet met vrees inbegrepen.

Lange werkdagen

Nergens vraagt de schaal hoeveel uur je maakt. Lange dagen komen minstens zo vaak voort uit een functie of een leidinggevende als uit karakter, en dwangmatig doorwerken leest een arts weer heel anders. Ambitie hangt hier aan tempo en niet aan duur: de sterkste band buiten het eigen domein is activiteitsniveau met 0,58.

Zelfdiscipline (C5)

Deze twee vormen met 0,70 het hechtste paar binnen consciëntieusheid en het derde hechtste van alle 435 facettenparen in onze data, dus ze worden vaak als één eigenschap besproken. Dat zijn ze niet. Dit facet vraagt hoe hoog je mikt, zelfdiscipline vraagt of het werk doorgaat zodra er niets interessants meer aan is.

Allebei de uiteinden zijn leefbaar

Het ene uiteinde koopt afgelegde afstand en betaalt met tevredenheid. Het andere houdt de tevredenheid en betaalt met bereik.

Hoge prestatiegerichtheid: de lat schuift met je mee

Je legt doelen net buiten handbereik, en zodra je op zo’n doel staat wordt het de nieuwe vloer. Mensen om je heen raken eraan gewend dat jouw genoeg hoger ligt dan het hunne. De rekening komt in de pauze: aankomen is ongeveer een dag lang fijn, en afgelegde afstand telt daarna vrijwel meteen niet meer mee.

  • Een doel halen voelt kleiner dan de verwachting dat je het haalt
  • Je meet dit jaar tegen je eigen vorige jaar en niet tegen anderen
  • Rust heeft bij jou een reden nodig voordat je hem toestaat
  • De lat gaat zwijgend omhoog, en niemand hoort dat de vorige gehaald is

De lat ligt hoog en jij legt hem daar zelf. Die drive brengt je ver, en het is aan jou om te bepalen wanneer iets af is.

Lage prestatiegerichtheid: de lat blijft staan waar je hem zette

Je bepaalt hoe een goed genoeg resultaat eruitziet en houdt op daarover te onderhandelen, en dat scheelt de uren die anderen aan de volgende procent besteden. Het gewone leven krijgt aandacht terwijl het gebeurt. De prijs loopt over decennia op: vermogen dat je nooit nodig had, blijft ongebruikt.

  • Genoeg is voor jou een echt getal en geen tussenstation
  • Een promotie weegt minder dan hoe de week eruitziet
  • Je rondt iets af en voelt daarna dat het klaar is
  • De klim van een ander lijkt vermoeiend en niet aanlokkelijk

Je jaagt niet op prestaties. Genoeg is genoeg, en die houding beschermt je tegen een uitputtingsslag waar veel anderen wel in belanden.

In de middenband staan vier profielen op de tien, ruwweg 34 tot 41 punten bij mannen en 36 tot 42 bij vrouwen. Ambitie gaat daar aan wanneer ze gevraagd wordt: een doel dat ertoe doet krijgt een echte duw, een doel dat er niet toe doet een eerlijk schouderophalen.

Laag, gemiddeld en hoog volgen de percentielafspraak 30/40/30 die Johnson bij deze normen aanhoudt. Een hoge score zegt waar je eigen lat ligt en niet wat je bereikt hebt, en een lage score is geen tekort dat gerepareerd moet worden.

De vorm van deze schaal

De ruwe score is de som van tien antwoorden, elk 1 tot 5 punten waard. De curve hieronder is getekend uit 135.947 afgeronde profielen van de versie met 300 items.

Belangrijkste percentielen als tabel
PercentielRuwe score
1029
2534
5039
7543
9047

De mediaan is 37 bij mannen en 38 bij vrouwen, en de middelste helft van elke groep valt tussen 32 en 42 en tussen 34 en 43. De schaal staat hoog, dus een gewoon ogende 38 is precies gemiddeld en niet sterk. Een percentiel vergelijkt je binnen je eigen geslacht en leeftijdsgroep.

Wie hoger scoort, en wanneer

In de data staan twee groepsverschillen, en maar één ervan weegt echt.

Vrouwen halen gemiddeld 38,2 punten en mannen 37,1: net iets meer dan een punt verschil, en daarmee het negende kleinste geslachtsverschil van de dertig facetten. Leeftijd doet meer: mannen klimmen van 35,3 onder de 21 naar 39,8 boven de 60, vrouwen van 36,9 naar 40,3. In de oudste cel zitten ongeveer 250 mensen per geslacht, dus lees dat uiteinde als aanwijzing.

Waar dit facet in de familie staat

Aan de domeinscore zit dit facet vaster dan elke zus behalve zelfdiscipline. De grafieken zetten het naast de andere vijf en laten zien met wie het buiten de eigen familie optrekt. Eén regel verdient een tweede blik: activiteitsniveau, dat in extraversie woont, heeft nergens in het model een nauwere partner.

ZelfeffectiviteitOrdelijkheidPlichtsbesefPrestatiegerichtheidZelfdisciplineBedachtzaamheid

Waar je het merkt

Op het werk

Op het werk bepaalt dit facet waarvoor je je meldt. Wie hoog scoort pakt de opdracht die een maat groter is dan de vorige, en een doel dat gehaald en nooit vervangen werd blijft bij zo’n iemand niet lang onopgemerkt. De prijs is een plafond dat blijft opschuiven: je kunt tien jaar lang leveren zonder het gevoel te hebben dat je voorligt. Wie laag scoort houdt de vorm van de functie vast en verdedigt die rand, en wordt daardoor af en toe gepasseerd.

Met mensen

Thuis is ambitie te zien aan waar de aandacht heen gaat. Een hoge score brengt een drift mee die een partner van een afstand kan bewonderen en van dichtbij kan wegduwen, want datgene waar het om draait ligt meestal ergens voor de kamer uit. Een lage score is aanweziger, en een partner die zorg leest als vooruit bewegen kan die rust voor koelte aanzien.

In je eigen groei

Bij de eigen ontwikkeling is de vraag niet hoeveel ambitie er is, maar waar ze op gericht staat. Aan de hoge kant levert de trek de duw en vrijwel nooit de controle, dus een doel dat op je twintigste is overgenomen kan op je veertigste nog ongetoetst draaien. Aan de lage kant komt een verschuiving, als ze komt, via dat ene ding waarvoor het achteraf toch de moeite bleek om te strekken.

Ligt dit vast?

Tweelingonderzoek naar trekken als deze komt telkens in dezelfde buurt uit: grofweg de helft van de verschillen tussen mensen loopt via wat ze meekregen, en het meeste van de andere helft via wat het ene kind wel en het andere niet overkomt, ook onder hetzelfde dak. Wat het stevigst overeind blijft is niet het cijfer zelf maar de volgorde: wie op zijn twintigste veel van zichzelf vraagt, hoort op zijn vijftigste meestal nog bij de veeleisende helft.

Onze normen laten het niveau met ongeveer vier punten stijgen tussen de jongste en de oudste groep, en alle zes facetten van consciëntieusheid bewegen die kant op. Het gaat om verschillende mensen die op verschillende leeftijden gemeten zijn en niet om één persoon door de jaren heen, dus die helling is een neiging en geen dienstregeling. Ambitie verandert bovendien van vorm zonder van omvang te veranderen.

Een hoge lat boven een hoge zelfdiscipline levert een ander leven op dan diezelfde lat boven een lage, en bij dat tweede paar verzamelt zich de meeste onvrede. De ene score tegen de andere lezen is precies wat de betaalde analyse doet.

Gratis, zonder registratie, direct je uitslag

Tien stellingen, één getal

De lange versie zet 10 stellingen achter dit facet, de korte 4. Elk antwoord telt 1 tot 5 punten, omgekeerd geformuleerde items worden gedraaid voordat er opgeteld wordt, en de som gaat langs de normtabel voor jouw geslacht en leeftijdsgroep. Die inkorting verdraagt de schaal goed: alfa zakt alleen van 0,84 naar 0,80, het zesde kleinste verlies van de dertig facetten.

IPIP-NEO-300Uitspraken: 10Betrouwbaarheid, alfa 0.84Steekproef: 135.947
IPIP-NEO-120Uitspraken: 4Betrouwbaarheid, alfa 0.80Steekproef: 385.801

Alfa laat zien hoe goed de uitspraken van een schaal bij elkaar passen. In onderzoek geldt 0,70 en hoger als solide. Wij hebben deze getallen zelf berekend op de open data van Johnson, dus ze zijn te vergelijken met de gepubliceerde waarden.

Geen van de tien stellingen staat op deze pagina. Wie de formulering vooraf leest, antwoordt anders, dus de items verschijnen pas zodra de test draait.

Gratis, zonder registratie, direct je uitslag

Noem eerst je eigen getal

Schuif de marker naar de plek waar jij denkt te staan tussen andere mensen, en doe daarna de test. Die schatting wordt meestal getrokken door datgene waar je op dit moment achteraan zit.

50
Genoeg is genoegDe lat ligt hoog
Jouw schatting
50 van 100Gemiddeld

0 betekent lager dan bijna iedereen die de test deed, 100 betekent hoger dan bijna iedereen.

Dit is een schatting, geen meting. De test vergelijkt je antwoorden met normen van echte mensen.

Vragen die lezers ons sturen

Wat is het verschil met zelfdiscipline?

De ene schaal legt de hoogte van de lat vast, de andere bepaalt of het werk doorgaat wanneer het niet meer boeit. Ze correleren 0,70, het hechtste paar binnen consciëntieusheid, dus meestal lopen ze samen op. Waar ze uiteenlopen levert een hoge lat boven weinig volhouden de hardste zelfkritiek op, en dat oordeel is zelden eerlijk.

Is 38 van de 50 een hoge score?

Nee, dat is het midden. De hele schaal staat hoog in onze steekproef: de mediaan is 37 bij mannen en 38 bij vrouwen, en de bovenste tien procent begint pas bij 45 of 46. Ruwe punten zeggen niets tot ze naast de normtabel voor jouw geslacht en leeftijd zijn gelegd.

Betekent ambitie dat je risico’s neemt?

Op deze schaal niet. Prestatiegerichtheid en spanningsbehoefte komen in onze data uit op 0,006, ongeveer zo dicht bij helemaal geen verband als iets in dit model komt: van alle 435 facettenparen liggen er maar zeven dichter bij nul. Een groter resultaat willen en een grotere kick willen zijn twee losse verlangens.

Is dit hetzelfde als willen winnen?

Nee. De stellingen zetten je naast je eigen eerdere resultaat en niet naast andere mensen, en naar rivaliteit wordt niet gevraagd. Iemand kan zijn eigen lat elk jaar optillen en volstrekt onverschillig blijven over waar de rest staat, en iemand anders kan fel competitief zijn binnen een lat die nooit beweegt.

Kun je een lage score omhoog brengen?

Het niveau kruipt bij de meeste mensen door het volwassen leven omhoog, dus vast ligt hier niets, al telt die verschuiving in jaren en niet in weken. Gedrag beweegt sneller dan aanleg: een concurrent, een deadline of een zichtbare ladder verandert waar je dit kwartaal naar reikt, zonder je plaats op de schaal te verzetten.

Hoe betrouwbaar is een schaal van tien stellingen?

Wij maten alfa op 0,84 voor de versie met tien stellingen en 0,80 voor die met vier, allebei op de open data van Johnson. Het gat ertussen is het zesde kleinste van de dertig facetten, dus dit is een van de weinige schalen waar de korte test nauwelijks iets afhaalt.

Kijk hoe hoog jouw lat werkelijk ligt

Achter deze schaal zitten tien stellingen in de lange versie en vier in de korte, en alle dertig facetten komen hoe dan ook terug. Allebei de versies zijn gratis, en je percentiel komt met de rest van het profiel mee.

Gratis, zonder registratie, direct je uitslag