Wat de schaal gevoelsleven meet
Gevoelsleven meet toegang en geen stemming. De stellingen vragen of je merkt dat je humeur kantelt, of een gevoel hard aankomt op het moment dat het komt, en of je die informatie meeneemt in wat je daarna doet. Nergens wordt geteld hoe vaak dat gevoel naar is. Een hoge score zegt dat er veel binnenkomt, niet dat er veel misgaat.
Het facet hoort bij openheid omdat dat domein over reikwijdte van ervaring gaat: kunst, ideeën, verzonnen werelden, onbekende plekken, en het weer aan de binnenkant. Binnen die familie ligt artistieke interesse er het dichtst naast met 0,42 en verbeelding volgt op 0,33, terwijl intellect, de redenerende kant, met 0,19 nauwelijks contact houdt.
Eén cijfer tekent de schaal het scherpst. Van de dertig facetten hebben er maar acht hun sterkste band buiten het eigen domein, en dit is er een van: medeleven, aan de kant van vriendelijkheid, komt op 0,43 en laat elke zusterschaal binnen openheid achter zich.
In de literatuur staat deze schaal meestal onder de Engelse naam Feelings, het label uit de klassieke zesdeling van openheid, en daarnaast loopt het begrip openstaan voor gevoel mee. De stellingen komen uit de open itembank van Goldberg, geordend door Johnson.