Wat deze schaal leest
De stellingen gaan over zware momenten en over wat er binnenin gebeurt: of er paniek opkomt, of de gebeurtenissen sneller stapelen dan je ze uit elkaar kunt halen, of je nog kunt nadenken terwijl het luid is. Mensen verschillen hier niet in hoeveel last het leven stuurt, maar in wat die last aanricht zodra hij er is.
Het facet staat in neuroticisme omdat het een reactie meet en geen vaardigheid. De naaste buur is angst met 0,80, het strakste paar van alle 435 facetparen in de test. Buiten het domein is er precies één sterke lijn, en die loopt naar zelfeffectiviteit: min 0,66, het op een na meest negatieve paar van de hele vragenlijst.
Een score beschrijft gewone weken, geen ramp. Iedereen heeft een last die hem uit elkaar haalt, en die vinden zegt niets over karakter. De schaal zet je op de hoogte van eisen waarbij je grip begint te glijden: bij de een is dat één slecht telefoontje, bij de ander een week waarin vier dingen tegelijk stukgaan.
In onderzoek houdt de schaal de naam kwetsbaarheid, en hetzelfde terrein loopt daar onder stresstolerantie en coping, meestal met omgekeerd teken. De formuleringen komen uit de open verzameling items die Johnson vrij beschikbaar maakte, niet uit een commerciële vragenlijst.